Heilig

Leven na de dood en theezakjeskwesties

Vandaag verschijnt onderstaande column in Kerk in Stad; ik vind dat ik hem hier ook kan publiceren, want een deel ervan zat me al veel langer in het hoofd. Het deel over leven na de dood kwam aanwaaien toen het wetsvoorstel over orgaandonatie vorige week werd aangenomen in de Tweede Kamer. Ik ben voor.

Al weken was ik van plan om deze column te schrijven over een theezakjeskwestie, u weet wel, zo’n vraag aan het labeltje van theezakjes van een bekend merk. Er zitten heel flauwe vragen tussen, van het het type ‘Wat zou je doen met een miljoen?’, en ook wel een paar wat serieuzere, zoals ‘Wat zou je anders doen als je er de kans voor kreeg?’ Maar sommige van die vragen zijn werkelijk de moeite waard om over na te denken. Eentje ben ik nog maar één keer tegengekomen, maar die heeft me sindsdien niet meer losgelaten. De vraag luidt: ‘Wat is het mooiste dat iemand ooit voor je heeft gedaan?’

Ik ken mensen die hierop maar één antwoord willen geven, een heel christelijk antwoord over het offer van Jezus. En dat vind ik erg fijn voor die mensen, maar het is niet het type antwoord waaraan ik zit te denken. Ik ken namelijk ook iemand die hoogst waarschijnlijk een heel ander antwoord geeft. Het is een goede vriend, die vier jaar geleden een donornier van zijn vrouw kreeg. Gelukkig kon de echtgenote dat bij leven doen, en vieren ze nu elk jaar in september dat die transplantatie gelukt is. Iets mooiers had niemand voor hem kunnen doen.

Eén dag voordat ik me aan deze column zette gebeurde er in de Tweede Kamer iets wat voorstanders zouden kunnen toeschrijven aan ingrijpen van hogerhand: met een verschil van één stem werd een wet aangenomen. De laatst benodigde tegenstander zat tijdens de stemming nog in de trein of tram, die had zich in het tijdstip vergist. De betreffende wet schrijft voor dat in Nederland iedereen na zijn/haar overlijden orgaandonor is, behalve degenen die vóór hun dood hebben aangegeven dat ze dat per se niet willen.

Tegenstanders beroepen zich op een universeel zelfbeschikkingsrecht; volgens hen neemt de overheid hen dit recht af met deze wet. Ik kom in mijn reactie op hen niet verder dan: lees nóg een keer, je kunt zelf actief vastleggen geen donor te willen zijn. Hoe moeilijk is dat?

Als iemands organen langer mee kunnen dan de persoon zelf, zie ik geen enkele reden waarom iemand anders er niet mee geholpen zou mogen worden. De vrouw van mijn goede vriend deed dat al vóór haar overlijden, maar heeft – net als wij – ook daarna nog de mogelijkheid om anderen te laten leven. Theoretisch kun je zo voortleven in minstens vijf anderen; dat is een vorm van leven na de dood waarin ik in elk geval heel erg geloof.

Op dit moment heb ik nog geen definitief antwoord op de vraag wat het mooiste is dat iemand ooit voor mij heeft gedaan – veel lieve mensen doen mooie dingen voor me. Wel hoop ik dat er na mijn dood mensen zullen zijn voor wie ik iets moois heb kunnen betekenen, zowel in leven als daarna. Het voordeel van dat donorschap is ook nog eens dat ze me er niet voor hoeven te bedanken – mijn ego dat zo graag gestreeld wordt is gelukkig geen doneerbaar onderdeel van mijn lichaam.

Ben jij al donor? https://www.donorregister.nl/

7 thoughts on “Leven na de dood en theezakjeskwesties

  1. Mooi geschreven Agnes! En inderdaad mooi, dat delen van ons (her)gebruikt kunnen worden.

    Wat ik wel zou willen, is dat de informatie over het doneren opener wordt.
    Wanneer ik hersendood ben, pompt de hart- longmachine mijn bloed rond, daarom ben ik nog warm en klopt mijn hart nog. De informatie die ik las over onverdoofd uitnemen van organen en waarneembare reacties van de donor daarop, daarover zou informatie verstrekt moeten worden. En indien dit een lijden voor de donor betekent, zou dat anders moeten volgens mij.

    Nu is er ruis en onduidelijkheid, dat doet de zaak geen goed.

  2. Mee eens wat jullie gezegd hebben dat onbegrijpelijk dat een persoon die al een hersendood ligt die onverdoofd organen weg worden gehaald terwijl zij of hij misschien wel pijn voelt!!! Dat wil ik niet hebben. Ik hou mijn organen bij mij…….

    • Ik heb na mijn dood niks meer aan mijn organen, dus geef ik ze dan graag aan iemand die er wel wat mee kan. Als dat pijn doet terwijl je hersendood bent, kun je er hooguit helemaal dood aan gaan. Klinkt dat te cru? Het is tóch zo.

  3. Jeetje, ik schrik van deze reacties. Het verwijderen van organen worden postmortaal uitgevoerd. Eerst wordt er een vloeistof door de organen gespoeld om ze zo goed mogelijk te houden. Je bent dan al lang dood. Het is alleen een emotie wat spreekt als een dood lichaam onverdoofd open gesneden wordt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s