Buiten/ik denk wel eens...

… in tijden van corona (8)

De banden beginnen behoorlijk te knellen. Dat voel ik niet alleen zelf, dat zie ik ook op verschillende sociale media, en het leidt hier en daar tot acties die ik dom vind, maar die ik ook begrijp. Ook in ons gezin en grotere familiekring discussiëren we over de vraag hoeveel afstand noodzakelijk is, en hoelang we dat kunnen volhouden. Dochter en ik durven inmiddels naast elkaar in de auto te zitten, nadat ik haar een aantal malen rechts achterin (zo ver mogelijk vanaf de chauffeursstoel) heb vervoerd naar een afspraak. We hebben besloten dat we elkaar wel een knuffel maar geen zoen geven. Maar we realiseren ons dat we ons op een hellend vlak hebben begeven, waarop veel anderen al een heel stuk verder zijn afgegleden.

Het liefst nam ik dezer dagen het vliegtuig (of een ander vervoermiddel) naar Londen, waar mijn zus in een ziekenhuis is opgenomen – nee, niet met Covid19, maar met urologische klachten die niet kunnen wachten tot na de crisis. Ze ligt zelfs in een privékliniek waar ze normaal gesproken als NHS-klant niet gauw terecht zou komen. Dat klinkt heel luxe, maar geloof me: ze lag er liever niet. Er mag geen bezoek komen, dus ze kan de accommodatie aan niemand laten zien. Daarnaast zou die regel ongetwijfeld ook voor mij gelden, al wist ik een manier om in Londen te komen. Zuslief beschikt niet over een smartphone of ander elektronisch apparaat waarmee je elkaar even kunt zien; alle contact verloopt via de ‘gewone’ telefoon op haar kamer. Als ze daarmee naar Nederland wil bellen kost dat een lieve duit. Dat is dus behelpen in tijden van corona.

kaars

kijken onze ouders mee?

Gelukkig heb ik daarnaast wel ook contact met haar dochter, die weliswaar ook niet bij haar moeder op bezoek mag, maar voor wie de telefoonverbinding wel een stuk makkelijker is. Zo blijf ik redelijk up-to-date op de hoogte van wat er daar allemaal gebeurt. Maar het voelt vreselijk te weten dat ze daar alleen is, en geen andere mensen ziet behalve degenen die haar moeten zien omdat het hun werk is. Dit zijn toch tijden waarop je als patiënt de warme armen van een geliefde zo goed kunt gebruiken om te voelen dat je je angst niet alleen draagt. Maar wat kan ik doen? Zoals vaker wanneer iemand van wie ik houd op de operatietafel ligt, stak ik eergisteren een kaars aan, maar het voelde als een loos gebaar, afgezien van het feit dat hij mij eraan herinnerde dat zij geopereerd werd. Vanmiddag wordt ze weer geopereerd, en ik twijfel of ik die kaars opnieuw zal laten branden.

Babe, can you hear me now? The chains are locked and tied across my doors (‘Helpless’, Crosby, Stills, Nash & Young).

Verder probeer ik alle ‘wat-nou-als’-vragen het zwijgen op te leggen. In principe is het een geluk bij een ongeluk dat ze in deze privékliniek terecht is gekomen, want hij staat goed aangeschreven en de doctoren lijken te weten wat ze doen. Andere generaties zouden tegen me zeggen dat ik het maar uit handen moet geven aan een hogere instantie. Hoe dan ook is het niet in mijn handen.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s