Buiten/ik denk wel eens...

… in tijden van Corona

In ons land is sinds deze week geen provincie meer Corona-vrij. Het virus heeft ‘zelfs’ toegeslagen in de stad waar ik woon. Toch lukt het me niet om bang te worden, al laten de gebeurtenissen en de consequenties ervan mij geenszins onberoerd. Wat voel ik dan wél?

 

Irritatie

Gek genoeg ervaar ik momenteel vooral ergernis. Iemand die ik om heel andere redenen ben gaan volgen op Twitter, post al dagen-, inmiddels wekenlang meerdere malen daags waarschuwingen dat we dit virus vooral niet moeten bagatelliseren. Voor zover ik weet is ze niet medisch onderlegd, en in haar Tweets staan ook geen duidelijke aanwijzingen over wat je dan wél zou moeten doen. Hier en daar haalt ze wat artikelen of Tweets aan van mensen die wel met enige deskundigheid iets zinnigs op te merken hebben, maar zelf blijft ze hameren op ‘niet bagatelliseren’. Nee, natuurlijk niet, denk ik dan, maar waarom herhaal je dat zo vaak als een roepende in de woestijn, terwijl er al zo veel soortgelijks wordt geroepen? En het is niet alsof ze een groot publiek aanspreekt, als ik mag afgaan op de hoeveelheid ‘likes’ en reacties (bijna nul). Goed, toegegeven, zo’n groot publiek bereik ik zelf ook niet, maar ik zeg dan ook niet zo vaak zo veel.

 

Bezorgdheid

Ja, ik maak me wel zorgen: om mensen van wie ik houd die minder weerstand hebben dan ikzelf. Iemand die ‘gewoon’ gezond is, zal niet doodgaan aan besmetting met Corona, lees en hoor ik. Maar als je gezondheid toch al broos is, of als je ook al andere aandoeningen onder de leden hebt, kan het wel link worden. Voor zulke mensen is het van groot belang dat ze weten hoe ze hun kansen op besmetting zo klein mogelijk houden. Mensen die in deze groep vallen, zijn vaak al wat ouder, en zitten niet de hele dag op Twitter of vergelijkbare media te zoeken naar nieuws. Hoe bereikt de overheid deze mensen? En wie helpt hen om de informatie te duiden, en te beredeneren hoe een en andere op henzelf van toepassing is? En dan, als we allemaal in quarantaine moeten, hoe zorgen we dan dat ze niet doodgaan van eenzaamheid?

Heel ander punt van zorg betreft de centen: als een van de duizenden zzp’ers in dit land ben ik voor mijn inkomen afhankelijk van opdrachtgevers (en dan heb ik nog de mazzel dat ik een echtgenoot met een vaste baan heb). Mijn belangrijkste klant van dit moment handelt in reizen – daar is voorlopig even niet zoveel in te verdienen, denk ik. Nu zal die klant vast vooruitkijken, en aanbiedingen op de plank willen hebben voor ná de pandemie, dus daar hoop ik voor mezelf eerst maar op, maar ik ben niet alleen op de wereld. Ook hier geldt weer dat ik me meer zorgen maak om anderen dan om mijzelf. Je hoeft niet heel veel verstand van economie te hebben om te zien dat er klappen gaan vallen, in huishoudens waar die klappen extra hard aankomen. Hoe komen we (nou ja, ze) die te boven?

 

Optimisme

Zonder de dreiging en de gevaren te willen bagatelliseren, zie ik ook kansen. De lucht boven Wuhan is in geen tijden zo schoon geweest als tijdens de ‘lockdown’. Het zou de autoriteiten in China kunnen inspireren om na te denken over het weer opstarten van vervuilende activiteiten: kan het wat minder, kan het – ik zeg maar wat – in wisseldienst? En dit geldt natuurlijk niet alleen voor China; inmiddels zien we soortgelijke verschijnselen ook boven het noorden van Italië, en ik durf er gif op in te nemen dat andere Europese landen volgen. Ik lees dat er maatschappijen zijn die hun vliegtuigen leeg laten vliegen om de ‘slots’ op de luchthavens maar te kunnen behouden, maar zouden die airlines geen betere manieren kunnen vinden om daarover met luchthavens een akkoord te bereiken? Je zou zeggen dat ze daar nu tijd voor hebben…

Ik zie ook kansen voor de multiculturele maatschappij waarin we leven. Nu we als wereldburgers onze wijze van elkaar begroeten moeten herijken, kunnen we er misschien eens mee ophouden om de manieren van ‘de ander’ belachelijk of zelfs verfoeilijk te noemen. Ja, ik betreur het zelf ook dat er mensen zijn die hun wijze van begroeten kiezen op bijvoorbeeld seksuele gronden, maar misschien ontwikkelen we nu wel nieuwe manieren, manieren die voor iedereen acceptabel zijn. Het zou niet verkeerd zijn om daarbij het belang van degene die je begroet, voorop te stellen. Dus bijvoorbeeld eerst de vraag stellen: ‘Wil je een hand of een zoen?’ Soms is het al genoeg om elkaar even in de ogen te kijken (met of zonder glimlach en/of woorden) om te laten weten dat je de aanwezigheid van de ander erkent. En dan heb ik het nog maar over een, één, beleefdheidsvorm.

Voor deze situatie geldt verder wat voor veel dreigende en al gebeurde rampen geldt: er staan mensen op die elkaar hulp bieden, georganiseerd en ongeorganiseerd. Er sluimert kennelijk in veel mensen een talent om het hoofd boven de ellende uit te steken en rond te kijken of en hoe we ons eraan kunnen ontworstelen. Behalve artsen en microbiologen die op zoek gaan naar een vaccin tegen het virus, zijn dat ook gewone mensen die elkaar opzoeken, en vragen: wat heb je nodig, kan ik iets doen? Als de pandemie voorbij is, en het gewone leven weer gewoon wordt, zullen we zien wie er een lintje moeten krijgen.

En verder… Verder hoop ik dat gezond verstand gezond blijft.DSCN2740 (2)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s